Toen ik een jaar of vijf was, brak ik tijdens een stoeipartij met een oom mijn neus. Net toen hij zich achterover op de bank liet vallen, nam ik een duik op hem en kwakte ik met mijn neus vol op zijn opkomende knie. Mijn oom raakte volledig in paniek toen hij mijn neus zag. Terecht. De gedachte aan wat zijn vrouw, mijn tante, en mijn moeder met hem zouden doen als ze zouden vernemen dat door zijn toedoen mijn neus was gebroken was inderdaad reden voor grote paniek. Terwijl ik de buurt bij elkaar huilde en krijste, sleepte mijn oom mij mee naar de keuken waar hij mijn gezicht schoonmaakte en watjes in mijn neusgaten stopte. Hierna zette hij zijn handen op mijn gezicht met mijn neus tussen zijn duimen en frommelde hij wat aan mijn neus, met als gevolg dat ik nog een paar octaven hoger gilde en huilde. Hij deed een stapje terug, bestudeerde zijn werk en na tevreden te hebben geknikt liep hij naar een kast om vervolgens terug te komen met een hand vol Bazooka kauwgum. Allemaal voor mij, als ik maar stopte met huilen en niets over het gebeuren aan wie dan ook zou vertellen. Bazooka kauwgum, de lekkerste kauwgum ooit gemaakt! Achteraf bekeken was ik er natuurlijk zeer bekaaid vanaf gekomen want met de paniek waarin mijn oom verkeerde had ik zijn auto kunnen vragen. Maar een kinderhand is gauw gevuld en met een hand vol Bazooka kauwgum dacht ik dat ik er met de beste deal vanaf was gekomen.
Jaren later kreeg ik alsnog de rekening van dit voorval gepresenteerd. Bij de minste geringste prikkel, schiet mijn neus dicht met als gevolg dat ik zwaar door mijn mond ga ademen. Mijn hersenen raken dan in paniek en ik begin te hyperventileren. Niet alleen voor mij een zeer onaangename ervaring, maar ook voor mijn omgeving aangezien ik als een walvis op het droge naar lucht loop te happen. Het is meer dan eens voorgekomen dat dit gebeurde terwijl ik een lezing stond te houden of tijdens een vergadering, waarbij de aanwezigen behoorlijk in paniek raakten daar het leek alsof ik een hartaanval kreeg.
KNO-artsen geven aan dat mijn neuskanalen krom lopen en om dit en de gevolgen hiervan te verhelpen er enkele opties beschikbaar zijn. Een plaatselijke verdoving middels een naald in mijn neus en vervolgens de kanalen open branden. Mocht dit niet de gewenste uitwerking hebben, dan zou men operatief mijn neus breken en dan de kanalen verwijden. Bij het horen van deze opties floepte mijn neus spontaan open, bedankte ik vriendelijk en zocht ik mijn heil in een stuk of 6 flesjes Otrivin neusspray per week. Klopt, ik ben inderdaad geen held.
Enkele jaren later had een andere KNO-arts heugelijk nieuws. Ze had een medicijn voor me om uit te proberen. Glunderend, omdat ik dankzij de medicamenten het brand-, breek- en hakwerk aan mijn neus had weten te ontlopen, popte ik genoegzaam de eerste pil in mijn mond. Om een lang verhaal kort te maken: na een paar dagen pillen slikken eindigde ik op de intensive care aan het infuus met allemaal slangetjes en piepende apparatuur in of op mijn lichaam. Zeggen dat mijn lichaam niet gunstig op het medicament reageerde is een understatement.
Na een dag of tien stond de internist aan mijn bed. Hij had goed en slecht nieuws. Het goede nieuws was dat ik naar huis mocht. Het slechte nieuws was dat ik diabetes had. Mijn hersenen hadden moeite om het nieuws te registreren. Diabeet? Diabetes? Suikerziekte! Of dit het gevolg was van het slecht reageren op de medicatie of dat het latent aanwezig was in mijn lichaam kon hij niet zeggen. Er zijn geen diabeten in mijn familie en ik had nooit een seconde stilgestaan bij de ziekte. Ik begon volkomen in paniek te raken en was voornemens naar een winkel te racen, een grote zak snoep te kopen en al etend van de brug af te springen! De arts probeerde me gerust te stellen. Ik had type II, de lieve versie. Daar ga je ook dood aan, maar wat langzamer dan met versie I en je hoeft geen insuline te spuiten. Met een gezonde levensstijl, beweging en letten op mijn voedsel viel er prima mee te leven. Volgens hem.
Inmiddels ben ik jaren verder en kan ik vol overtuiging zeggen dat de diabetes mijn leven vergalt en ik me regelmatig miserabel voel. Niet op de laatste plaats door al die figuren die menen dat ik me niet moet aanstellen aangezien er mensen zijn die met ergere ziekten te kampen hebben en zich dapper en flink door het leven slaan. Kolder! Diabetes is als een zoete kanker, die langzaam alles van binnen aantast, opvreet en vernielt. Uiteraard heb ik niet de discipline om me aan een ascetisch dieet te houden en bezondig ik mezelf regelmatig aan een zak drop of een zak yoghurtsnoepjes. Ik word hiervoor gelijk afgestraft met een enorme piek van mijn suikerwaarden, met als gevolg complicaties en klachten aan mijn nieren, bloedvaten en andere organen. Er zijn momenten dat ik nauwelijks een boek kan lezen omdat de hoge suikerwaarden de bloedvaten in mijn ogen hebben beschadigd en ik op momenten volkomen kippig ben. Zelfs mijn libido wordt verziekt, doordat de bloedvaten in mijn tollie worden aangetast en ik soms bij een erectie het gevoel krijg alsof mijn tollie in tweeën scheurt.
Er zijn momenten dat ik op bed wil liggen, twintig zakken yoghurtsnoepjes in ėėn keer wil leeg eten en me langzaam wil laten wegzakken in een zoete dood. Helaas is de kans groter dat ik wegzak in een coma. De gedachte dat ik twintig jaar lang, bewegingsloos maar bij volle bewustzijn op een bed moet liggen terwijl mijn kinderen met vriendjes en vriendinnetjes in mijn lichaam staan te porren en figuurtjes op mijn gezicht tekenen, weerhoudt mij van deze stap. Wellicht toch maar de eerste optie van de brug.
Voor de woke of gevoelige zieltjes:
www.jw.org/nl/bibliotheek/tijdschriften/g201404/omdat-er-hulp-is
Of eet een zak yoghurtsnoepjes leeg. De lekkerste snoepjes ter wereld! Dat maakte mij vroeger altijd gelukkig.